Het coronavirus en de gevolgen voor ondernemers

Voor ondernemers: lees verder

Juridische vragen en antwoorden voor de zorg: lees hier verder (Ten Holter Noordam Advocaten)

In dit blog worden de crisismaatregelen uiteengezet waar ondernemers in moeilijkheden als gevolg van het coronavirus een beroep op kunnen doen. Het coronavirus en de maatregelen die momenteel worden genomen ontwikkelen zich per dag. Deze blog is bijgewerkt op 2 juni 2020.

Op 20 mei 2020 is het tweede noodpakket voor banen en economie aangekondigd. Dit pakket bestaat onder andere uit de verlenging van de tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW 2.0), het verlengen van de tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo 2.0), een tegemoetkoming in de vaste lasten voor het MKB (TVL) en verlenging van uitstel van betaling van belastingschulden. Deze regelingen worden nog uitgewerkt door het kabinet en de precieze voorwaarden zijn daarom nog niet bekend. De eerste aanpassingen op het tweede noodpakket zijn zelfs al aangekondigd. Daarom hebben wij het tweede noodpakket voor banen en economie nog niet verwerkt in deze notitie.

Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW)

De regeling voor Werktijdverkorting is ingetrokken. Hiervoor in de plaats is de tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor behoud van werkgelegenheid (NOW) geïntroduceerd. Met deze regeling moet worden voorkomen dat werkloosheid ontstaat door acute terugval in de omzet (meer dan 20%) als gevolg van het coronavirus. De NOW geeft recht op een subsidie in de vorm van een tegemoetkoming in de loonkosten, zodat werkgevers vaste werknemers en werknemers met een flexibel contract (tijdelijke dienstverbanden, oproepcontracten) in dienst kunnen houden. Vanaf 6 april tot en met 5 juni 2020 kunnen aanvragen voor de NOW worden ingediend via de site van het UWV.

De subsidie bedraagt maximaal 90% van de loonkosten over maart, april en mei 2020. Per werknemer wordt maximaal € 9.538 aan loon per maand in aanmerking genomen. Het loon wordt verhoogd met 30% ter compensatie van de werkgeverslasten zoals pensioenpremies, premies werknemersverzekeringen en vakantietoeslag.

De hoogte van de subsidie is gerelateerd aan de mate van omzetverlies. Als de omzet bijvoorbeeld volledig wegvalt (100%) bedraagt de tegemoetkoming 90% van de loonkosten, terwijl de tegemoetkoming 45% van de loonkosten bedraagt als de omzet gehalveerd wordt (50%). Hiervoor wordt de omzet over de periode maart tot en met mei 2020 vergeleken met 25% van de omzet over 2019. Als de terugval in omzet met vertraging optreedt, mag de werkgever er ook voor kiezen om de omzet april tot en met juni 2020 of mei tot en met juli 2020 te vergelijken met 25% van de omzet over 2019. Deze belangrijke keuze moet worden gemaakt bij het indienen van de aanvraag en kan achteraf niet meer gewijzigd worden.

Bij het indienen van de aanvraag wordt de subsidie vastgesteld op basis van de loonsom in januari 2020 en op basis van de verwachte omzetdaling. Vervolgens betaalt het UWV 80% van de subsidie als voorschot uit in 3 termijnen. Het UWV streeft er naar om binnen 2 tot 4 weken na de aanvraag de eerste termijn uit te betalen.

Aan de toepassing van de NOW is een aantal verplichtingen verbonden:

  • de werkgever zal de loonsom zoveel mogelijk gelijk moeten houden aan de loonsom in januari 2020;
  • in de periode 18 maart tot en met mei 2020 wordt geen ontslagaanvraag wegens bedrijfseconomische redenen ingediend;
  • de subsidie wordt uitsluitend aangewend voor het betalen van de loonkosten;
  • de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging, en bij het ontbreken daarvan het personeel, wordt geïnformeerd over de toepassing van de NOW;
  • de werkgever voert een dusdanige administratie dat alle voor de vaststelling van de subsidie van belang zijnde gegevens beschikbaar zijn en verleent desgevraagd inzage en overige informatie aan het UWV voor de vaststelling van de (rechtmatigheid van de) subsidie;
  • de werkgever informeert het UWV als zich omstandigheden voordoen die van belang zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de subsidie;
  • de loonbelastingaangiften worden op tijd ingediend;
  • de werkgever overlegt na afloop van de periode waarover NOW is toegekend een opgave van de omzetdaling en afhankelijk van het bedrag van de subsidie moet daarbij eventueel een accountantsverklaring of een verklaring van een derde deskundige worden verstrekt.

Werkgevers hebben na 6 oktober 24 weken de tijd (38 weken als een accountantsverklaring meegestuurd moet worden) om het UWV te verzoeken de subsidie definitief vast te stellen op basis van de daadwerkelijke omzetdaling. Bij de definitieve vaststelling wordt de subsidie naar beneden bijgesteld indien de loonkosten zijn gedaald ten opzichte van januari 2020. De korting is alsdan gebaseerd op 90% van de daling van de loonsom, ondanks dat effectief een lagere subsidie wordt verstrekt omdat de omzet minder dan 100% is gedaald. Het is immers de bedoeling dat werkgevers hun vaste en flexibele werknemers in dienst houden en hetzelfde salaris blijven betalen. Daarom wordt ook het salaris van werknemers waarvoor een ontslagaanvraag wegens bedrijfseconomische redenen is ingediend na 17 maart, voor 150% in mindering gebracht op de subsidie.

Diverse aandachtspunten:

  • De NOW is niet van toepassing op de directeur-grootaandeelhouder (DGA): tenzij de DGA verplicht verzekerd is voor de werknemersverzekeringen, bijvoorbeeld omdat hij tegen zijn wil in ontslagen kan worden.
  • De tegemoetkoming kan worden aangevraagd voor een periode van 3 maanden: te weten maart tot en met mei 2020. De regeling ziet op omzetdalingen vanaf 1 maart 2020 en kan dus met terugwerkende kracht worden aangevraagd.
  • Als sprake is van een concern wordt gekeken naar de omzetdaling op concernniveau; wel zal per loonheffingennummer een aanvraag voor de NOW moeten worden ingediend. Als op concernniveau de omzetdaling lager is dan 20%, kan de NOW op werkmaatschappijniveau worden toegepast als de werkmaatschappij wel een omzetdaling van tenminste 20% heeft. Hieraan zijn echter wel aanvullende voorwaarden verbonden.
  • Ingediende ontslagaanvragen kunnen worden ingetrokken: de werkgever heeft hiervoor 5 werkdagen de tijd na inwerkingtreding van de NOW-regeling of 5 werkdagen na indienen van de ontslagaanvraag als dit na de inwerkingtreding heeft plaatsgevonden. Als de werkgever er voor kiest om de ontslagaanvraag niet in te trekken vindt korting op de subsidie plaats, zelfs als de ontslagaanvraag uiteindelijk niet wordt toegekend.
  • Per loonheffingennummer kan slechts één aanvraag voor de NOW worden ingediend: een tweede aanvraag voor hetzelfde loonheffingennummer wordt niet in behandeling genomen. Een aanvraag kan worden geweigerd, bijvoorbeeld omdat het opgegeven rekeningnummer niet overeenkomt met het rekeningnummer dat bij de Belastingdienst voor de loonheffingen is geregistreerd of omdat de aanvraag anderszins niet voldoet aan de gestelde eisen. Als een aanvraag wordt geweigerd komt men niet meer in aanmerking voor de NOW. Als een aanvraag onvolledig is zal de werkgever wel in de gelegenheid worden gesteld om de aanvraag aan te vullen.
  • Voor ondernemingen die niet per maand verlonen, na 1 januari 2019 zijn gestart of na 1 januari betrokken zijn geweest bij de overdracht van een onderneming, gelden aparte regels: op basis van deze regels wordt er voor gezorgd dat ook deze ondernemingen gebruik kunnen maken van de NOW.
  • De loonsom over januari 2020 is in principe bepalend: als de loonsom in de maanden maart, april en mei 2020 lager is dan de loonsom in januari, wordt de subsidie verlaagd. Als de loonsom over de periode maart tot en met mei echter gestegen is ten opzichte van januari 2020, bijvoorbeeld doordat in februari een nieuwe werknemer is gestart, dan wordt deze hogere loonsom als basis voor de NOW gebruikt met als maximum driemaal de loonsom over maart 2020.
  • Werkgever moet instemmen met eventuele openbaarmaking van de subsidieverstrekking: dat betekent dat het UWV de naam en het adres van de werkgever, het verleende voorschot en de definitief vastgestelde subsidie openbaar mag maken.
  • Reeds ingediende aanvragen voor Werktijdverkorting: deze worden behandeld als aanvraag voor de tegemoetkoming voor de NOW.

Onze relatiebeheerders kunnen, in samenwerking met onze collega’s Elsbeth van Schoonhoven, Deanne Mertens, Angelique Verhagen-van Horik, Lisette Nieuwstraten en Ella de Rooij, helpen bij het indienen van een aanvraag voor de NOW.

Uitstel van betaling belastingen

Ondernemingen kunnen de Belastingdienst verzoeken om bijzonder uitstel van betaling als sprake is van betalingsproblemen als gevolg van het coronavirus. Hiervoor zal een verzoek moeten worden ingediend bij de Belastingdienst. Uitstel van betaling is mogelijk voor de verschuldigde:

  • inkomstenbelasting;
  • loonbelasting;
  • bijdrage zorgverzekeringswet;
  • omzetbelasting;
  • vennootschapsbelasting;
  • kansspelbelasting;
  • assurantiebelasting;
  • verhuurderheffing;
  • milieubelastingen;
  • accijns;
  • verbruiksbelasting van alcoholvrije dranken.

Het verzoek om uitstel van betaling tot drie maanden kan via een online formulier of schriftelijk worden ingediend. Zodra het verzoek om uitstel is ontvangen zet de Belastingdienst de invordering stil en krijgt de belastingplichtige dus uitstel van betaling. Dit geldt voor alle bovengenoemde belastingen. Tevens geldt dit voor alle nog te ontvangen belastingaanslagen. Het is dus niet nodig om een nieuw verzoek in te dienen voor de aanslagen die nog worden opgelegd.

Als een onderneming meer dan drie maanden uitstel wenst is aanvullende informatie nodig om te beoordelen of de financiële problemen hoofdzakelijk zijn veroorzaakt door het coronavirus. Daarnaast is een verklaring van een derde-deskundige vereist als de totale belastingschuld hoger is dan € 20.000. Verzoeken om uitstel van betaling voor meer dan 3 maanden moeten schriftelijk worden ingediend.

Diverse aandachtspunten:

  • Uitstel van betaling voor loonbelasting en omzetbelasting kan pas worden aangevraagd nadat de naheffingsaanslag is opgelegd: de aangifte loonbelasting en omzetbelasting zal dus wel moeten worden ingediend, maar niet worden betaald. Na enkele weken zal een naheffingsaanslag worden opgelegd, waarna het verzoek om uitstel van betaling kan worden ingediend.
  • Verzuimboetes wegens het niet (tijdig) betalen worden niet opgelegd: mocht toch een verzuimboete worden opgelegd dan zal dit worden teruggedraaid.
  • Het verzoek om uitstel van betaling wordt aangemerkt als melding van betalingsonmacht: er hoeft dus geen aparte melding van betalingsonmacht te worden ingediend. Dit geldt overigens alleen voor de belastingheffingen. Als de afdracht van pensioenpremies wordt uitgesteld zal nog wel melding van betalingsonmacht moeten worden gedaan.
  • De invorderings- en belastingrente wordt verlaagd tot 0,01%: dit percentage is gekozen omdat het uitvoeringstechnisch niet mogelijk is om het rentepercentage te verlagen tot 0%. De verlaging van de invorderingsrente wordt ingevoerd vanaf 23 maart 2020. De verlaging van de belastingrente wordt vanwege uitvoeringstechnische redenen pas ingevoerd vanaf 1 juni 2020. Hierop bestaat één uitzondering; de belastingrente voor de inkomstenbelasting wordt pas vanaf 1 juli 2020 verlaagd.
  • Deblokkeren g-rekening mogelijk voor het bedrag waarvoor bijzonder uitstel van betaling is verleend: dit geldt voor zover uitstel van betaling voor de loonbelasting en/of omzetbelasting is aangevraagd. Zodoende krijgen ondernemers met een g-rekening dezelfde liquiditeitsvoordelen als ondernemers zonder g-rekening. Het verzoek om deblokkering van de g-rekening moet worden ingediend middels het reguliere formulier Verzoek deblokkeren g-rekening. In dit formulier zal wel moeten worden aangegeven dat dit verzoek verband houdt met de uitbraak van het coronavirus. De Belastingdienst streeft er naar om binnen 4 weken te reageren op het verzoek om deblokkering van de g-rekening.

Onze collega’s Elsbeth van Schoonhoven, Deanne Mertens en Angelique Verhagen-van Horik kunnen helpen bij het aanvragen van uitstel van betaling voor belastingschulden.

Verlaging voorlopige aanslagen

Het coronavirus zal voor veel bedrijven tot gevolg hebben dat in 2020 een lager resultaat wordt behaald. Deze bedrijven kunnen verzoeken om een lagere voorlopige aanslag. Verzoeken hiertoe zullen door de Belastingdienst worden ingewilligd.

Onze relatiebeheerders kunnen helpen bij het verlagen van voorlopige aanslagen.

Fiscale coronareserve

Om de liquiditeitspositie van bedrijven te verbeteren, kan bij het bepalen van de winst over 2019 een fiscale reserve (coronareserve) worden gevormd. Met deze coronareserve kan in het boekjaar 2019 alvast rekening worden gehouden met het coronagerelateerde verlies dat naar verwachting in 2020 geleden wordt. Concreet betekent dit dat het te verwachten verlies over 2020 al in 2019 in minder op de winst gebracht kan worden nog voor dat de aangifte over 2020 is ingediend.

Voor het vormen van een coronareserve gelden de volgende voorwaarden:

  • Er moet sprake zijn van een verwacht ‘coronagerelateerd verlies’ in het boekjaar 2020;
  • Het verwachte coronagerelateerde verlies kan niet groter zijn dat het totale verlies dat wordt verwacht voor het boekjaar 2020;
  • De coronareserve kan niet hoger zijn dan de winst die in 2019 wordt behaald zonder rekening te houden met de coronareserve;
  • De coronareserve wordt uiterlijk in 2020 volledig in de winst genomen.

Diverse aandachtspunten:

  • De coronareserve kan alleen voor de vennootschapsbelasting worden gevormd: ondernemers die onder de inkomstenbelasting vallen kunnen dus geen coronareserve vormen.
  • Het vormen van een coronareserve kan gevolgen hebben voor de toepassing van andere regelingen in de vennootschapsbelasting: hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het verdampen van verliezen uit 2010 als deze niet uiterlijk verrekend kunnen worden met de winst in 2010. Het vormen van een coronareserve is dan ook niet verplicht en de coronareserve hoeft niet voor het volledige coronagerelateerde verlies 2020 worden gevormd.
  • De fiscale coronareserve wordt gevormd in de aangifte 2019: als de aangifte over 2019 al is ingediend, dan kan een nieuwe aangifte worden ingediend waarin wel een coronareserve is gevormd. Is de aangifte nog niet ingediend maar wel al een voorlopige aanslag opgelegd, dan kan de voorlopige aanslag worden verlaagd.

Onze relatiebeheerders kunnen de gebruikelijke ondersteuning bieden bij het toepassen van de coronareserve.

Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)

De Tozo vormt een tijdelijke voorziening van 3 maanden (maart, april en mei 2020) die wordt ingevoerd voor zelfstandige ondernemers in financiële problemen als gevolg van het coronavirus. Het betreft enerzijds een uitkering voor levensonderhoud en anderzijds een lening voor bedrijfskapitaal. Ondernemers die een beroep wensen te doen op deze regeling moeten zich wenden tot de gemeenten waar in zij wonen. Aanvragen kunnen tot 31 mei 2020 worden ingediend, met terugwerkende kracht tot 1 maart 2020.

Deze regeling is geënt op het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz). Hierop zijn echter diverse vereenvoudigingen aangebracht. Zo wordt de toets op levensvatbaarheid van de onderneming niet toegepast en vindt er geen vermogens- of partnertoets plaats.

Aan de volgende voorwaarden zal wel moeten worden voldaan om in aanmerking te komen voor de Tozo:

  • de ondernemer moet in Nederland wonen;
  • de ondernemer moet ouder zijn dan 18 jaar en de AOW-leeftijd nog niet hebben bereikt;
  • de onderneming moet voor 17 maart 2020 zijn gestart;
  • de ondernemer moet voldoen aan het urencriterium (1.225 uur per jaar werkzaam voor de onderneming);
  • de onderneming is in Nederland gevestigd, voldoet aan de wettelijke vereisten voor de uitoefening van een bedrijf en is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;
  • de ondernemer zal naar waarheid moeten verklaren dat zijn inkomen naar verwachting minder zal bedragen dan het sociaal minimum als gevolg van het coronavirus.

Diverse aandachtspunten:

  • Ook de DGA kan een beroep doen op de regeling mits wordt voldaan aan de voorwaarden: zo zal de DGA aan het urencriterium moeten voldoen en moet de DGA financiële risico’s dragen. Daarnaast zal de DGA de volledige zeggenschap moeten hebben. Dat wil zeggen dat de DGA, alleen of samen met andere in de BV werkzame personen, meer dan 50% van de aandelen moet bezitten. Tot slot zal de DGA moeten verklaren en aannemelijk maken dat de BV geen salaris kan uitbetalen.
  • De inkomensondersteuning vult het inkomen aan tot het sociaal minimum en hoeft niet te worden terugbetaald: de hoogte is afhankelijk van het inkomen en de huishoudsamenstelling en bedraagt maximaal € 1.500 netto per maand voor gehuwden en € 1.050 netto per maand voor alleenstaanden. Op ondernemers tussen de 18 en 21 jaar zijn lagere bijstandsnormen van toepassing. Als een uitkering wordt ontvangen is men verplicht om de gemeente inlichtingen te verstrekken die van invloed kunnen zijn op het recht op, of de hoogte van de uitkering, zoals bijvoorbeeld wijzigingen in de inkomenssituatie. Indien hiertoe aanleiding bestaat wordt de uitkering aangepast of stopgezet.
  • De lening voor bedrijfskapitaal bedraagt maximaal € 10.157: op deze lening is 2% rente verschuldigd. De looptijd van de lening is maximaal 3 jaar en tot 1 januari 2021 hoeft niet te worden afgelost.
  • De Tozo kan worden gecombineerd met de TOGS (v/h noodloket): dus naast de inkomensondersteuning en de lening voor bedrijfskapitaal kan een beroep worden gedaan op de belastingvrije gift van € 4.000 ter dekking van de bedrijfskosten. Deze gift wordt niet verrekend met de inkomensondersteuning.
  • Inkomensondersteuning voor levensonderhoud wordt binnen 4 weken na aanvraag voor maximaal 3 maanden verstrekt: er kan met voorschotten worden gewerkt. Deze snelle procedure geldt ook voor leningen voor bedrijfskapitaal.

Onze relatiebeheerders kunnen de gebruikelijke ondersteuning bieden bij aanvragen op grond van de Tozo.

Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (TOGS, v/h noodloket)

Op 27 maart 2020 is de TOGS opengesteld en sindsdien al een aantal keer verruimd. De TOGS vormt een eenmalige belastingvrije gift van € 4.000 aan ondernemingen die direct of indirect zijn getroffen door de overheidsmaatregelen rond het coronavirus. Het gaat dan om in Nederland gevestigde ondernemingen die op 15 maart 2020 ingeschreven stonden bij de Kamer van Koophandel met als hoofdactiviteit één van de op bijlage 1 vermelde SBI-codes. Onder voorwaarde mag de activiteit ook als nevenactiviteit zijn in geschreven. Deze ondernemingen komen in aanmerking voor de eenmalige belastingvrije gift als zij in de periode 16 maart 2020 tot en met 15 juni 2020 naar verwachting:

  • ten minste € 4.000 omzetverlies lijden als gevolg van de maatregelen tegen het coronavirus; en
  • ten minste € 4.000 aan vaste lasten hebben, ook na gebruik van de overige steunmaatregelen voor ondernemers in verband met het coronavirus.

De ondernemingen die in aanmerking komen voor de TOGS zijn onderverdeeld in drie categorieën:

Direct gedupeerde ondernemingen

Dit betreft de ondernemingen die direct gedupeerd zijn door de overheidsmaatregelen in verband met het coronavirus. Hierbij kan worden gedacht aan de horeca, winkels, bioscopen, haar- en schoonheidsverzorging, reisorganisaties, rijschoolhouders, sauna’s, zwembaden, sportclubs, musea, theaters en muziekscholen. Ook vallen gedupeerde agrarische recreatieondernemingen onder deze categorie, mits voor deze ondernemingen ook een kwalificerende nevenactiviteit is geregistreerd, zoals een kampeerterrein. Hierbij geldt wel als voorwaarde dat voor deze nevenactiviteit een omzetverlies van € 4.000 en tenminste € 4.000 aan vaste lasten wordt verwacht met betrekking tot deze nevenactiviteit in de periode van 16 maart tot en met 15 juni.

Gedupeerde ondernemingen in de toeleveringsketen

Dit betreft ondernemingen die indirect getroffen worden door de overheidsmaatregelen in verband met het coronavirus. Dit zijn ondernemingen die vrijwel uitsluitend leveren aan de gedupeerde ondernemingen als bedoeld hiervoor, zoals bijvoorbeeld de groothandel en uitzendbureaus. Deze bedrijven zullen moeten verklaren dat de onderneming minimaal € 4.000 omzetverlies lijdt doordat de onderneming voor minimaal 70% van zijn omzet afhankelijk is van direct gedupeerde ondernemingen of van activiteiten die als gevolg van de overheidsmaatregelen ter bestrijding van het coronavirus verboden zijn of ontraden worden.

Gedupeerde zorgondernemingen

Dit betreft een aantal ondernemingen die in de zorgsector actief zijn en hun omzet zien dalen als gevolg van de overheidsmaatregelen in verband met het coronavirus. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan fysiotherapeuten, tandartsen en paramedische praktijken. Deze categorie ondernemers komt alleen in aanmerking indien zij na aftrek van de tegemoetkoming van zorginkopers, en na gebruik van andere door de overheid beschikbaar gestelde steunmaatregelen, verwachten in de periode van 16 maart tot en met 15 juni tenminste € 4.000 omzetverlies te lijden en tenminste € 4.000 aan vaste lasten te hebben.

Om in aanmerking te komen voor de eenmalige belastingvrije gift gelden verder nog de volgende voorwaarden:

  • de onderneming moet ten minste één bedrijfsvestiging hebben op een ander adres dan het privéadres van de eigenaar of eigenaren van de onderneming. Ondernemingen die wel zijn gevestigd op het privéadres van de eigenaar of eigenaren van de onderneming kwalificeren toch voor de TOGS indien de bedrijfsvestiging fysiek is afgescheiden van de privéwoning en voorzien is van een eigen opgang of toegang.

Tevens geldt er een uitzondering voor horecaondernemingen en bepaalde ambulante ondernemingen, zoals autorijscholen, taxibedrijven en touringcar operators. Voor horecaondernemingen is wel vereist dat zij ten minste één horecagelegenheid huren, pachten of in eigendom hebben;

  • binnen de onderneming mogen maximaal 250 personen werkzaam zijn;
  • de onderneming mag niet in staat van faillissement verkeren of surseance van betaling hebben aangevraagd.

Diverse aandachtspunten:

  • Ook de DGA kan een beroep doen op de regeling mits wordt voldaan aan de voorwaarden: de BV zal voor het indienen van een aanvraag e-herkenning nodig hebben.
  • Aanvragen voor de TOGS moeten worden ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO): aanvragen kunnen gedurende de periode 27 maart 2020 tot en met 26 juni 2020 worden ingediend. De RVO heeft drie weken de tijd om op het verzoek te beslissen, maar streeft ernaar om verzoeken binnen 2 weken af te handelen.
  • De TOGS geldt per onderneming: dus ook als een onderneming meerdere vestigingen of meerdere participanten heeft, zal maar één keer € 4.000 worden uitbetaald.
  • De TOGS wordt niet verstrekt als de algemene de-minimisverordening zich hiertegen verzet: dit betekent dat de onderneming niet meer dan € 200.000 aan staatssteun mag ontvangen gedurende de jaren 2018 tot en met 2020.

Onze relatiebeheerders kunnen helpen bij het verzoek om de TOGS.

Overige maatregelen

Het kabinet heeft diverse andere maatregelen aangekondigd. Ook deze zullen veelal nog verder uitgewerkt moeten worden. Hieronder geven wij een korte omschrijving van deze maatregelen.

Het kabinet heeft diverse andere maatregelen aangekondigd. Ook deze zullen veelal nog verder uitgewerkt moeten worden. Hieronder geven wij een korte omschrijving van deze maatregelen.

  • Gebruikelijk loon DGA: het gebruikelijk loon van de DGA mag worden verlaagd naar evenredigheid van de omzetdaling over de eerste 4 maanden van 2020 ten opzichte van de eerste 4 maanden van 2019. Hiervoor gelden wel een aantal voorwaarden, bijvoorbeeld dat de rekening-courantschuld van de DGA aan de BV niet mag toenemen. Overigens kan de DGA ook nog steeds op andere wijze aannemelijk maken dat een lager loon voor hem gebruikelijk is.
  • Versoepeling urencriterium: ondernemers worden geacht in de periode 1 maart 2020 tot en met 31 mei 2020 tenminste 24 uur per week aan hun onderneming te hebben besteed, zodat zij voldoen aan het urencriterium. Ondernemers die seizoensgebonden werkzaamheden verrichten en normaliter in deze periode een piek hebben in hun aantal uren, worden geacht eenzelfde aantal uren als vorig jaar in deze periode te hebben besteed.
  • Betaalpauze voor hypotheekverplichtingen: hypotheekverstrekkers kunnen klanten een betaalpauze verlenen als zij door de coronacrisis niet in staat zijn aan hun betalingsverplichtingen te voldoen. Als op de hypotheek een aflossingseis van toepassing is om de hypotheekrente in aftrek te mogen brengen, kan dit gevolgen hebben voor de hypotheekrenteaftrek in de toekomst. Daarom zijn de mogelijkheden om de aflossingsachterstand in te halen verruimd, waardoor de hypotheekrente aftrekbaar blijft.
  • WW-premiedifferentiatie: sinds 1 januari 2020 is een lage WW-premie verschuldigd voor werknemers met een vast contract en een hoge WW-premie voor werknemers met een flexibel contract.
    Als een werknemer met een vast contract meer dan 30% overwerkt in een kalenderjaar is alsnog de hoge WW-premie verschuldigd. Dit kan tot onbedoelde effecten leiden in sectoren waarin als gevolg van het coronavirus veel wordt overgewerkt (bijvoorbeeld de zorg). Het kabinet zal een aanpassing voorbereiden om dit onbedoelde effect weg te nemen. Omdat het te bewerkelijk is om een gerichte sectorale maatregel in te voeren, zal dit voor alle werkgevers gelden. Daarnaast hebben werkgevers tot 1 juli 2020 (in plaats van 1 april 2020) de tijd om vaste arbeidsovereenkomsten op schrift te stellen om de lage WW-premie te kunnen toepassen.
  • Administratieve verplichtingen loonheffingen en vaste reiskostenvergoedingen: de Belastingdienst zal zich soepel opstellen indien een werkgever de voor de loonheffingen wettelijke administratieve verplichtingen niet heeft nageleefd vanwege de coronacrisis, zoals het vooraf identificeren van nieuwe werknemers. Daarnaast mogen vaste reiskostenvergoedingen onbelast worden doorbetaald, ondanks dat het reispatroon van werknemers is gewijzigd door de coronacrisis.
  • Verruiming werkkostenregeling: de vrije ruimte van de werkkostenregeling wordt verruimd door het percentage over de fiscale loonsom tot € 400.000 te verhogen van 1,7% naar 3%.
  • Btw en ter beschikking stellen van zorgpersoneel en gratis verstrekken van medische hulpgoederen en –apparatuur: onder voorwaarden is geen btw verschuldigd over het ter beschikking stellen van zorgpersoneel dat wordt ingezet voor het verzorgen of verplegen van personen in bepaalde inrichtingen en instellingen. Daarnaast heeft het gratis ter beschikking stellen van medische hulpgoederen en medische apparatuur aan deze inrichtingen en instellingen of huisartsen onder voorwaarden geen gevolgen voor de heffing, of de aftrek, van btw.
  • Verlaagd btw tarief voor online aanbieden diensten door sportscholen en dergelijke ondernemers: de toepassing van het verlaagde btw tarief heeft terugwerkende kracht tot 16 maart 2020.
  • Ondernemingsfinancieringen: de regering heeft diverse regelingen ingevoerd en/of uitgebreid en ondersteunt daarnaast diverse initiatieven om het ondernemers gemakkelijker te maken financieringen aan te trekken. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan borgstellingsregelingen, uitstel van betalingsregelingen, rentekortingen en herverzekering van kortlopende kredietverzekeringen.
  • Het kabinet werkt aan een regeling voor compensatie aan specifieke sectoren die door het coronavirus extra getroffen worden: hierbij kan worden gedacht aan de horeca en de reisbranche. Deze regeling zal ook nog moeten worden voorgelegd aan de Europese Commissie.
  • Ook op diverse andere gebieden zijn of komen er vanuit de overheid of uit de (semi-)publieke sector ondersteunende maatregelen vanwege het coronavirus: bijvoorbeeld coulance ten aanzien van het betalen van pensioenpremies, uitstel van rente en/of aflossingen op financieringen, ondersteunende maatregelen vanuit de Douane, coulance voor WBSO deadlines, versoepelingen voor de energiebelasting en opslag duurzame energie- en klimaattransitie, versoepelingen met betrekking tot gemeentelijke heffingen, compensatie voor  de kosten van kinderopvang, subsidie voor investeringen in digitale zorg op afstand en een continuïteitsbijdrage voor zorgaanbieders.

Disclaimer

Bij de samenstelling van de teksten is naar uiterste betrouwbaarheid en zorgvuldigheid gestreefd. Onze organisatie kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden en de gevolgen hiervan.

SBI-codes die aanspraak kunnen maken op de TOGS
Bekijk hier de lijst (PDF)

Lees verder

Actualiteiten

Verstegen accountants en adviseurs houdt u graag op de hoogte van de laatste ontwikkelingen voor het MKB en de publieke sector.

© 2020 Verstegen accountants en belastingadviseurs B.V. (KvK. nr. 23047365).

Er kunnen geen rechten worden ontleend aan de informatie die op deze site staat.

Direct meer weten? (078) 648 15 55 of info@verstegenaccountants.nl Legal & privacy |

Disclaimer | Cookiebeleid | Privacyverklaring

Concept en creatie: Only the Brave